Groteske - 1999

foto's

Titel cfr. Van Dale:

grotesk’ (<It.), bn. Bw.,

  1. zonderling en grillig van vorm een groteske versiering; - buitensporig, door vreemde combinaties een wonderlijke, soms belachelijke indruk makend: groteske ideeën; een groteske aanmatiging; - bespottelijk: een groteske figuur;

  2. (drukk.) schreefloos grotes’ke, v. (m.) (-n), ben. Voor grillige fantastische figuren, krullen waarin diere –en mensengedaanten zijn verwerkt, geschilderd, getekend of in beeldhouwwerk en pleister uitgevoerd; ook wel gebruikt op gebied van muziek en literatuur

Eerst maken we kennis met de grot en haar bewoners: stalagmieten, waterdruppels, edelgesteenten, edele metalen, enz ... Een onverwachte figuur betreedt de grot en veroorzaakt een plotse wending met fatale gevolgen. De meest absurde situaties volgen elkaar op en eindigen in een grote feeërieke finale.